De eerlijke vraag is niet “wanneer begin je met je sinterklaasgedichten?” maar “wanneer begin je écht?”. Bijna iedereen begint in zijn hoofd half november en op papier op 4 december. Dat laatste is op zich geen ramp, maar het is wel de reden dat zoveel gedichten beginnen met “het is weer december” en eindigen met “veel plezier ermee, groeten van Piet en de Sint”.
Pakjesavond 2026 valt op zaterdag 5 december. De landelijke intocht is op zaterdag 14 november. Daartussen zitten precies drie weken, en die drie weken zijn genoeg, als je ze verdeelt. Hieronder staat hoe.
De korte versie
- Weekend 14 en 15 november: lootjes trekken.
- Week van 16 november: details verzamelen, cadeau kopen.
- Weekend 28 en 29 november: surprise maken.
- Avonden van 1, 2 en 3 december: gedichten schrijven.
- Vrijdag 4 december: printen en inpakken.
- Zaterdag 5 december: voorlezen.
Wie dit schema volgt, schrijft nooit meer op de dag zelf. Hieronder per stap waarom het zo werkt.
Week 1 (9 tot en met 15 november): lootjes trekken bij de intocht
Op maandag 9 november begint het Sinterklaasjournaal en op zaterdag 14 november komt de Sint aan in Grave; alle feiten daarover staan in ons artikel over de intocht 2026. Dat weekend is het natuurlijke moment om lootjes te trekken: de kinderen zijn in de stemming, de familie belt toch al om te vragen wie er komt op de 5e, en op het werk hangt het rooster voor december.
Trek de lootjes dus dit weekend, thuis én op het werk. Het grote voordeel: iedereen heeft daarna drie volle weken. Trek je ze pas eind november, dan zit je met elkaar in dezelfde week te knutselen en te rijmen, en dat merk je aan de gedichten. Hoe je het trekken zelf aanpakt (digitaal, met briefjes, met een wensenlijstje) en wat je met een lastig lootje doet, lees je bij de voorbeelden voor lootjes trekken.
Week 2 (16 tot en met 22 november): details verzamelen
Een goed sinterklaasgedicht staat of valt met één concreet detail. Niet “je houdt van sporten”, maar “je loopt elke zondag om acht uur hard, ook als het regent”. Deze week doe je niets anders dan opletten en noteren. Drie details per persoon is ruim voldoende: een gewoonte, een hobby of een uitspraak, en iets wat dit jaar is gebeurd.
Dit is ook de week om het cadeau te kopen, want het cadeau bepaalt het eind van het gedicht. Schrijf je het gedicht vóór je het cadeau hebt, dan moet je de laatste twee regels later toch aanpassen.
Voor een lootje dat je amper kent, bijvoorbeeld een collega van een andere afdeling, staat een aparte aanpak in het gedicht voor een collega die je amper kent. En voor de schoonfamilie geldt: vraag je partner, die weet meer dan je denkt.
Week 3 (23 tot en met 29 november): het surprise-weekend
De surprise komt vóór het gedicht, niet erna. Dat is misschien de belangrijkste les van dit hele schema. Een surprise kost altijd meer tijd dan gepland, en als hij klaar is, weet je precies hoe hij eruitziet. Dat levert vaak de beste regels op: “de Sint plakte drie uur aan deze boot, en hij lijkt nog steeds op een brood”.
Reserveer het weekend van 28 en 29 november. Zaterdag bouwen, zondag drogen en bijwerken. Ideeën die in één avond lukken, staan in 10 surprise-ideeën voor één avond, en bij de surprisegedichten zie je hoe een gedicht en een surprise op elkaar aansluiten.
Geen surprise dit jaar? Dan is dit weekend je buffer. Gebruik het om alvast één gedicht te schrijven, het makkelijkste.
Week 4 (30 november tot en met 4 december): de gedicht-avonden
Nu pas schrijf je. Niet omdat eerder niet mag, maar omdat je nu alles hebt: het lootje, drie details, het cadeau en de surprise. Reserveer drie avonden, 1, 2 en 3 december, en schrijf per avond één gedicht. Meer gedichten? Dan twee per avond, maar begin dan op maandag 30 november.
Zo pak je een gedicht-avond aan:
- Leg de drie details en het cadeau voor je neer.
- Schrijf de laatste twee regels eerst: die gaan over het cadeau.
- Schrijf de opening met het sterkste detail. Voorbeelden staan in 12 openingszinnen die werken.
- Vul het midden met de andere details, in paren van twee rijmende regels.
- Lees hardop en klap het ritme mee. Hapert het, schrap een woord.
Blijf je hangen op een rijmwoord, dan typ je het in de rijmmachine. Heb je op donderdag 3 december nog drie gedichten te gaan, dan is er de gedichtenmaker: naam, hobby, karakter en cadeau invullen, en het gedicht staat er in een paar minuten, zonder AI en mét zuiver rijm. Vervang daarna twee regels door iets van jezelf, en niemand merkt het verschil.
Vrijdag 4 december: printen, lezen, koppelen
De buffer-dag. Print alle gedichten, lees elk gedicht één keer hardop (je vindt altijd nog een foutje) en stop elk gedicht bij het juiste pakje. Controleer de printer op vrijdagmiddag, niet op zaterdagavond. Een gedicht dat je in de gedichtenmaker hebt bewaard als pdf, print je vanaf elke telefoon.
Vier scholen en bedrijven op vrijdag 4 december? Dan schuift alles voor die gedichten een paar dagen naar voren. Tel terug vanaf de datum op de uitnodiging, zie ook wanneer is pakjesavond 2026.
Zaterdag 5 december: niets schrijven
Op de dag zelf schrijf je niet meer. Je leest voor. Hoe de avond zelf verloopt, van het eten tot de vuilniszak, staat in het ideale tijdschema voor pakjesavond.
En als je dit leest op 1 december?
Dan is het schema als volgt: vanavond details en cadeau, morgen de surprise (of geen surprise, dat mag ook), overmorgen de gedichten, en op 4 december printen. Het kan. Het is alleen minder ontspannen. Volgend jaar begin je bij de intocht, en dat weet je nu al.
De Sint begint in november met zijn lijst, en wie dat ook doet, is op de vijfde nooit meer verrast.
Nee, dat rijmt niet. Dat krijg je als je op 4 december schrijft.