Pakjesavond 2026 is op zaterdag 5 december. Dat weet je waarschijnlijk al. Wat de meeste mensen niet weten, is hoe laat ze willen beginnen, in welke volgorde de zak leeg moet en op welk moment van de week de gedichten geschreven worden. Dat merk je om vijf uur ’s middags op de dag zelf.
Dit is het tijdschema dat bij ons thuis werkt. Pas het gerust aan, maar houd twee dingen vast: de gedichten zijn vrijdag klaar, en de jongste kinderen gaan eerst.
De week ervoor: dag voor dag
De grote lijn van het seizoen (lootjes trekken bij de intocht, surprise-weekend eind november) staat in de planning tot 5 december. Hier gaat het om de laatste week.
Maandag 30 november: de inventaris. Loop je lijst na: per persoon cadeau, surprise en gedicht. Alles wat op “nog niet” staat, krijgt deze week een avond.
Dinsdag 1 december: gedicht-avond 1. Schrijf de gedichten voor de mensen die je het best kent. Die gaan het snelst, en het geeft moed voor de rest. Begin niet met “het is weer december”; betere openingen staan in 12 openingszinnen die werken.
Woensdag 2 december: gedicht-avond 2. De lastige gedichten: het lootje van de schoonzus, de collega die je amper kent. Verzamel eerst drie details, schrijf dan pas. Kom je er niet uit, dan heeft de rijmmachine altijd een rijmwoord, en de gedichtenmaker desnoods het hele gedicht.
Donderdag 3 december: de reserve-avond. Er is altijd iets wat uitloopt. Is alles klaar, dan heb je een vrije avond. Dat gebeurt zelden.
Vrijdag 4 december: printen en koppelen. Print alle gedichten, lees ze één keer hardop en stop elk gedicht bij het juiste pakje. Stop alles in één zak, in de volgorde van uitpakken (zie hieronder). Zet de pepernoten klaar. Ga op tijd naar bed.
Zaterdag 5 december overdag: niets schrijven. Boodschappen voor het eten, de surprise naar beneden sjouwen, de kamer opruimen. ’s Middags lees je je eigen gedichten nog één keer door met een pen erbij voor kleine verbeteringen, maar geen nieuwe gedichten meer.
De avond zelf: per half uur
Dit schema gaat uit van een gezin met kinderen en een paar volwassen gasten. Zonder kinderen schuift alles een uur op.
| Tijd | Wat er gebeurt |
|---|---|
| 17.30 | Eten. Simpel, warm en snel: soep, stamppot of een ovenschotel. |
| 18.30 | Tafel afruimen, kinderen in de pyjama (ze gaan toch niet meer weg), pepernoten op tafel. |
| 18.45 | Een bons op het raam of de deur, de zak staat buiten. Het mooiste moment van de avond, dus laat de telefoon in de zak. |
| 19.00 | Ronde 1: de jongste kinderen. Korte gedichten, kleine pakjes, snel tempo. Een kwartier tot twintig minuten. |
| 19.20 | Ronde 2: de oudere kinderen en de schoolcadeaus. Hier mogen de gedichten iets langer. |
| 19.45 | Pauze. Chocolademelk, pepernoten, de kleinsten spelen met wat ze hebben gekregen. Dit is ook het moment voor een kort spel, zie de spelletjes voor pakjesavond. |
| 20.00 | Ronde 3: de volwassenen. Surprises, lootjes, de lange gedichten voor oma en opa. |
| 20.45 | Jongste kinderen naar bed (of op de bank onder een deken, het is tenslotte zaterdag). |
| 21.00 | De laatste surprises, de gedichten die om aandacht vragen, de running gags van de familie. |
| 21.30 | Opruimen: papier in de vuilniszak, cadeaus per persoon in een doos, gedichten in de map. |
Komt de zak pas om acht uur binnen, dan is het eigenlijk al te laat voor kinderen onder de zes. Zet de wekker liever vroeger.
De volgorde van voorlezen: jongste eerst?
Ja, bijna altijd. Drie redenen:
- Geduld is beperkt. Een kind van vier dat een uur moet wachten tot oma haar gedicht van twintig regels heeft gehad, is om acht uur niet meer te genieten.
- Volwassenen kijken graag. Het uitpakken van een kleuter is het leukste deel van de avond voor iedereen aan tafel. Dat wil je niet missen omdat je zelf nog aan het voorlezen bent.
- Lange gedichten horen bij rust. Het surprisegedicht voor je zus, met de running gag over haar vakantie, komt het best tot zijn recht als de kleintjes niet door de kamer rennen.
Binnen de rondes helpt een vaste beurt: met de klok mee, of om de beurt een pakje uit de zak trekken. Dat voorkomt de discussie “nu ik, nee ik”.
Eén uitzondering: zit er een gedicht bij dat de hele familie betreft, een gezamenlijk cadeau bijvoorbeeld, lees dat dan aan het begin van ronde 3, als iedereen nog wakker is.
Wie leest voor?
De ontvanger leest het gedicht zelf voor; dat is de traditie en meestal het leukst. Twee uitzonderingen:
- Kinderen die nog niet vlot lezen. Een ouder of een ouder broertje of zusje leest voor, het kind houdt het pakje vast. Houd het gedicht kort, zie de gedichten voor kinderen.
- Wie het echt niet wil. Niet iedereen leest graag hardop. Dwing niemand, laat de schrijver dan voorlezen. Voor wie het wél durft, staan de trucs in de tips voor het voorlezen van een sinterklaasgedicht.
Wat doe je als een gedicht te lang is?
Het gebeurt elke pakjesavond: iemand heeft zich uitgeleefd en komt met drie kantjes. Drie oplossingen, van vriendelijk naar streng.
Verdeel het gedicht. Lees de eerste helft voor, pak het pakje uit, en bewaar de tweede helft voor later op de avond als toegift. Dat werkt goed bij een surprise in meerdere lagen.
Lees het in duo. Twee voorlezers, om de strofe. Het gaat sneller, en het is leuker om naar te kijken.
Kort het ter plekke in. Lees de eerste strofe, de strofe met de grap en de laatste strofe. Niemand merkt het, behalve de schrijver, en die is blij dat het gedicht überhaupt is voorgelezen.
Beter is natuurlijk om het vooraf te voorkomen. Hoe lang een gedicht mag zijn per leeftijd en gelegenheid, lees je in hoe lang mag een sinterklaasgedicht zijn. Een gedicht voor oma mag twintig regels, een gedicht bij een chocoladeletter voor een neefje hooguit zes.
Het schema in één zin
Vrijdag alles geprint, zaterdag om half zes eten, om zeven uur de jongste eerst, om acht uur de volwassenen, om half tien de vuilniszak. En een avond die anders loopt dan het schema, is ook een geslaagde pakjesavond. Meer tips voor de avond zelf staan in 12 tips voor een pakjesavond zonder gestress.