Direct naar de inhoud
binnen 5 minuten een uniek gedicht Nog 56 dagen tot pakjesavond
sint-gedichten.nl

Sinterklaas­gedicht bij een cadeau

Het cadeau bepaalt hoe je gedicht eindigt. Kies hieronder jouw cadeau, lees de voorbeelden en leer hoe je naar het cadeau toe schrijft.

Een goed sinterklaasgedicht bij een cadeau begint niet bij het begin, maar bij het eind. Het cadeau is de ontknoping, dus het is slim om eerst te weten wat er in de laatste twee regels komt te staan. Daarna zoek je het pad ernaartoe: een gewoonte, een hobby of een grap die uiteindelijk bij dit pakje uitkomt. Dat noemen we naar het cadeau toe schrijven.

Op deze pagina vind je voorbeelden per cadeau. Staat jouw cadeau erbij? Ga dan direct naar de pagina:

Weet je het cadeau nog niet precies of wil je gewoon inspiratie? Lees dan ook de 25 ideeën voor een sinterklaasgedicht. Ontbreekt het rijm, bekijk dan rijmwoorden op pakje. De gedichtenmaker maakt er in vijf minuten een van, op basis van de persoon en het cadeau.

Gedichten bij sokken en sloffen

Het klassieker onder de cadeaus. Grappen over koude voeten, het sokkenmonster en de wasmand.

Weer sokken Kort en grappig bij het klassiekste cadeau dat er is
4 regels

De Sint zag je sokken, met gaten, wel drie,
en dacht: dat kan beter, dus hier, voor je knie
tot je tenen iets nieuws, lekker warm en niet grijs,
en ja, het zijn sokken. Maar wel van de Sint, dus wees wijs.

Warme voeten Kort gedicht voor oma bij een paar sloffen of sokken
4 regels

Lieve oma, het wordt kouder, zei de Sint,
en koude voeten, dat is niets voor zijn vrind.
Dus hier is iets warms, voor op de bank en in bed,
van Sint en van Piet, met een kus erop gezet.

Liever helemaal niet zelf rijmen? Vul een naam in, wij doen de rest.

Door verder te gaan, ga je akkoord met de gebruiksvoorwaarden van de gedichtenmaker. In de privacyverklaring lees je wat we met je gegevens doen.

Gedichten bij een boek

Voor de lezer, de bankhanger en het kind dat nog één hoofdstuk wil.

Eerst de laatste bladzijde Bij een boek voor iemand die stiekem altijd eerst het einde leest
8 regels

Beste [naam], de Sint zag je bladeren, heel snel,
naar de laatste bladzijde, en dat kent hij wel.
Je leest eerst het einde: wie wint, wie het deed,
en dan lees je het begin, terwijl je alles al weet.
De Sint vond het raar, en Piet ook, maar och,
het is jouw manier, en het werkt voor jou toch.
Dus hier is een boek, maar met plakband erom:
de laatste bladzijde zit vast, dus begin maar vooraan, kom!

Nog één hoofdstuk Bij een boek voor iemand die 's avonds altijd nog één hoofdstuk leest, en dan nog één
10 regels

Lieve [naam], de Sint keek om middernacht,
en zag bij jou nog een lampje, heel zacht.
Je lag met een boek, en je zei: "Nog één,
nog één hoofdstuk, en dan ga ik slapen, meteen."
Om half één zei je het, om half twee nog een keer,
en om drie uur sliep de Sint al, maar jij las nog meer.
Piet vroeg aan de Sint: "Hoe loopt het verhaal?"
"Weet ik niet, ik sliep al bij hoofdstuk zes, helemaal."
Dus hier is een boek, voor een avond met thee,
en nog één hoofdstuk? Ach, doe er maar twee.

Gedichten bij een cadeaubon

Eerlijk in rijm dat je het even niet wist, en dat de ander dit beter zelf kan kiezen.

De bon in de la Bij een cadeaubon voor iemand die bonnen bewaart en dan vergeet ze te gebruiken
10 regels

Beste [naam], de Sint keek eens in je la,
en vond daar wat bonnen, en hij keek ze eens na.
Een bon voor de bios, van twee jaar terug,
en eentje voor de sauna, nog gekreukt op de rug.
Ze zijn bijna verlopen, en de Sint zei: "Och,
die gebruikt [naam] vast nog wel, op tijd, toch?"
Piet schudde zijn hoofd: "Die liggen er al jaren,
want [naam] vindt bonnen heel leuk om te bewaren."
Dus hier is er nog één, maar de Sint stelt een eis:
gebruik hem nog dit jaar, voor een feest, of een ijs.

Ik wist het echt niet Bij een cadeaubon, voor als je echt niet wist wat je moest kopen
8 regels

Beste [naam], de Sint heeft gezocht, dag en nacht,
hij liep door de winkels, van tien uur tot acht.
Een sjaal? Die heb je. Een boek? Al gelezen.
Een mok? Er staan er al twaalf, dat was te vrezen.
Piet zei: "Neem een hoed, of een eend, of een vis!"
Maar de Sint dacht: "Dan zit ik er vast weer mis."
Dus hier is een bon, en dan kies jij het maar:
dan weet de Sint zeker: het is raak, dit jaar.

Gedichten bij geld

Een envelop met een knipoog. Voor de tiener, de student of de opa die alles al heeft.

Plat en wit Bij een envelop met geld, voor iemand met een smaak die de Sint niet kan raden
8 regels

Beste [naam], de Sint zag een trui, en een spel,
een lamp, en een vaas, en hij dacht: "Weet ik wel?"
Want [naam] weet precies wat mooi is en wat niet,
en dat snapt de Sint nooit, en dat snapt ook geen Piet.
Dus koos hij het saaiste cadeau van het land,
maar wel heel erg handig: het past in je hand.
Het is plat, het is wit, en er zit iets in,
en je koopt er iets voor, helemaal naar jouw zin.

Het saaiste cadeau Bij geld als cadeau, voor iemand die het liefst zelf iets uitzoekt
8 regels

Lieve [naam], Piet zei: "Dit is saai, Sinterklaas,
een envelop, dat is niks, dat is dwaas!"
Maar de Sint zei: "Wacht maar, wat gebeurt er straks, Piet?
Dan lacht [naam] van oor tot oor, en dat is saai? Echt niet!"
Want hiermee kies jij zelf wat je mooi vindt en fijn:
een spel, of een trui, of een kaartje voor de trein.
Dus hier is je envelop, en Piet is nu stil:
hij vindt het niet saai meer, nu jij kiest wat je wil.

Gedichten bij een chocoladeletter

Kort, zoet en met de beginletter als grap.

Een X voor jou Kort rijmpje bij een chocoladeletter, voor als jouw letter uitverkocht was
4 regels

Lieve [naam], je letter was nergens meer te zien,
dus nu krijg je een X, dat past ook wel, misschien.
Een X is een kus, zegt Piet, en dat is wel zo fijn:
zo'n kus van chocola mag best wat groter zijn.

Een letter op je bureau Bij een chocoladeletter voor een collega die alles deelt met de hele afdeling
10 regels

Beste [naam], de Sint liep langs alle bureaus,
en hij gaf elke collega een letter uit de doos.
Toen kwam hij bij jou, en hij zei: "Kijk eens hier,
jouw eigen letter, met een strik van papier."
Je zet hem op je bureau, en dat ziet iedereen,
om tien uur is de helft weg, want jij deelt meteen.
De Sint vroeg aan Piet: "Waarom deelt die zo graag?"
Piet zei: "Zo is die nu eenmaal, en niet pas vandaag."
Dus hier is je letter, en de Sint zegt: wees wijs,
hou het laatste stukje zelf, dat is jouw prijs.

Gedichten bij make-up

Voor zus, vriendin of dochter. Glans, kleur en een beetje plagen.

Dansen in de gang Voor een dochter die de hele dag danst en oefent voor haar volgende optreden
10 regels

Lieve [naam], de Sint zag je dansen in de gang,
op je sokken, met muziek, de hele avond lang.
Je draait als een tol en je springt als een veer,
en na elke val sta je op, en je danst nog een keer.
Je oefent voor de spiegel, je telt tot acht,
en je zingt erbij, soms tot laat in de nacht.
Piet deed het je na, maar hij draaide verkeerd,
en zei: "Dit is moeilijker dan wat ik ooit heb geleerd."
Dus hier is een pakje voor op het toneel,
en de Sint zit vooraan, en hij klapt heel veel.

Alle kleuren van de stad Bij een make-uppalet voor iemand die van kleur houdt
8 regels

Lieve [naam], de Sint zocht een cadeau met kleur,
en hij liep langs de winkels, van deur tot deur.
Hij zag roze en goud, en een blauw als de zee,
en een rood als zijn mantel, en hij nam het mee.
Piet vroeg: "Is dat verf? Gaan we schilderen, Sint?"
"Nee," zei de Sint, "dit gaat naar [naam], met een strik en een lint."
Dus hier zijn je kleuren, van zacht tot heel fel:
speel ermee, en geniet, want het is maar een spel.

Gedichten bij snoep en pepernoten

Strooigoed in rijm, voor kinderen en voor collega's met een zoete tand.

Blijf van mijn snoep Voor een broer die je snoep pikt en de beste plek op de bank, maar altijd voor je opkomt
10 regels

Hé [naam], de Sint heeft het allemaal gezien:
jij pakt de beste plek op de bank, al jaren of tien.
Je pikt mijn oplader, je eet mijn snoep op,
en als ik boos word, zeg jij: "Rustig, joh, stop."
Maar als iemand mij pest, dan sta jij vooraan,
en dan durft er niemand meer naar mij toe te gaan.
Je bent soms een plaag, maar je bent wel mijn maat,
de beste broer die er te vinden is in de straat.
Dus hier is een zak snoep, helemaal voor jou, maar
blijf van de mijne af, minstens één jaar.

Het schoentje Heel kort en simpel, voor een peuter of kleuter die voor het eerst zijn schoen zet
4 regels

Lieve [naam], je schoentje stond klaar,
met een wortel voor het paard, dat vond hij heel raar,
want het paard wil het liefst wat jij ook graag lust:
een pepernoot, een kus, en dan lekker rust.

Gedichten bij voetbal

Een bal, een shirt of een kaartje voor het stadion. Met clubgrappen waar de hele tafel om lacht.

De bovenhoek Voor een kind dat voetbalt en al drie ruiten op zijn naam heeft
8 regels

Hé [naam], de Sint hoorde net van Piet
dat jij elke bal in de bovenhoek schiet.
De ruit van de buurman, de bloemen van mam,
die weten precies hoe hard jouw schot kwam.
Je traint in de regen, je traint in de zon,
en zelfs in je slaap roep je: "Goal! En ik won!"
Dus hier is iets ronds, en het past in een net,
de buurman heeft alvast zijn helm opgezet.

Broer voor de buis Voor een broer die tegen de tv schreeuwt bij elke wedstrijd van zijn club
16 regels

Hé [naam], de Sint hoorde zondag een schreeuw,
zo hard dat de buren dachten: daar is een leeuw.
Maar het was jij, voor de tv, met een sjaal,
want de scheids floot verkeerd, voor de honderdste maal.

Je zou zelf de trainer zijn, dat zeg je al lang,
maar bij elke strafschop kijk je weg, want je bent bang.
Je hebt een geluksshirt dat nooit in de was mag,
want dan verliezen ze, zeg jij, en dat is een slechte dag.

Piet keek één keer mee, maar dat doet hij niet meer,
want bij de goal ging zijn chocomel over zijn veer.
Zelfs de Sint snapt nu buitenspel, want jij legde het uit,
met pepernoten op tafel, en een theelepel als fluit.

En als ze dan winnen, dan bel je meteen,
en zing je het clublied, al ben je alleen.
Dus hier is een shirt van je club, met je naam,
en de buren krijgen van de Sint een dubbel raam.

Zelf schrijven

Zo schrijf je er zelf een

  1. 1
    Begin bij het cadeau Schrijf eerst de laatste twee regels, waarin het cadeau wordt genoemd. Daarna zoek je een detail van de persoon dat daarheen leidt.
  2. 2
    Zoek de link tussen persoon en cadeau Waarom past dit cadeau bij hem of haar? Een lezer krijgt een boek, een voetballer een bal. Die link is je rode draad.
  3. 3
    Houd het cadeau geheim tot het eind Noem het cadeau pas in de slotregels. Dan is het gedicht een kleine puzzel en is het uitpakken de oplossing.
  4. 4
    Pas de lengte aan op het pakje Een chocoladeletter vraagt vier regels, een boek of een grote surprise mag langer. Een kort gedicht bij een groot pakje en andersom voelt scheef.
Veelgestelde vragen

Vragen over bij een cadeau

Hoe schrijf ik een sinterklaasgedicht bij een cadeau?
Begin bij het cadeau en werk terug. Kies een hobby of gewoonte van de persoon die bij het cadeau past, laat de Sint die zien en eindig met het cadeau in de laatste twee regels. Zie ook hoe je een sinterklaasgedicht afsluit.
Moet ik het cadeau in het gedicht noemen?
Niet verplicht, wel leuk. Bij een surprise noem je het cadeau liever niet maar geef je hints. Bij een los pakje is het cadeau de ontknoping in de slotregels.
Welk cadeau rijmt het makkelijkst?
Boek, bon, snoep en sokken hebben veel bruikbare rijmwoorden. Cadeau zelf is lastiger. je rijm dan kijk bij rijmwoorden op cadeau voor betere opties dan zo.
Kan de gedichtenmaker een gedicht maken bij mijn cadeau?
Ja. Vul het cadeau in bij het formulier en ons algoritme, dat zonder AI werkt, bouwt de laatste regels eromheen. Je kiest zelf per alinea de variant die je het leukst vindt.